Greta Thunberg

Het is tijd voor verbinding & activatie voor duurzaamheid

Vorige week werd ik persoonlijk diep geraakt door de speech van Greta Thunberg bij de VN-klimaattop in New York. Toch vraag ik mij een paar dagen later als communicatieprofessional af of haar woorden niet juist contraproductief werken. Moet het doemdenken niet plaatsmaken voor een inspirerende beweging waar iedereen onderdeel van wil zijn? Of kan het één niet zonder het ander?

Doemdenken verstart

De onheilspellende en verontrustende boodschap van de speech is existentieel groot. Zo groot, dat ik niet weet wat ik in hemelsnaam nog kan doen, anders dan het eerste de beste enkeltje boeken naar een tropisch eiland om mijn laatste dagen op deze planeet feestend ten onder te gaan.

Doemdenken verstart en angst zal nooit een drijfveer zijn voor een positieve verandering. Ook angst geeft richting, maar de verkeerde kant op. Dit is het grote probleem van de klimaatdiscussie. Het is een wereld met een beeldtaal van zielige ijsberen op wegdrijvende ijsschotsen. Het is geen wereld die je zin, inspiratie en richting geeft en waar je onderdeel van wil zijn.

De schuldvraag polariseert

Velen die zich bewust zijn van het klimaatprobleem en hun best doen om in hun dagelijkse leven er wat aan te doen, voelen zich aangesproken door de speech. Ondertussen verenigen en sterken klimaatsceptici zich in hun gezamenlijke afkeer. Dan is er de grote middenmoot. Een groep die nog in beweging is te krijgen op dit onderwerp, die ontvankelijk is en te inspireren om meer bewust te worden om in actie te komen. Dat doe je door het probleem te benoemen, een hoopvolle punt op de horizon te duiden en praktische eerste stappen aan te dragen. Niet door te polariseren, maar door te verbinden.

Creëer een beweging waar iedereen bij wil horen

Hoe zou het zijn als in plaats van Thunberg’s speech, er vijf kinderen op het podium stonden, die samen het probleem en de akelige feiten benoemen, maar tegelijkertijd ook een wereld schetsen waarin zij willen leven als ze net zo oud zijn als de aanwezige politici. Vervolgens vertellen ze allemaal welke eerste stap zij hebben genomen om daar te komen. Van kledingruil en een plantaardig dieet tot niet meer vliegen en de wasdroger de deur uit te doen. En ze dagen elke politicus uit om mee te doen om ook de eerste stap te nemen, hoe klein of hoe groot die ook is. Die groep met kinderen verenigen zich in de ‘First Step Club’. Een beweging boordevol voorwaartse visies en eerste stappen.

Geen revolutie zonder rebellen?

We hebben een Greenpeace nodig om onderwerpen op de kaart te zetten, voordat we in beweging komen. Is het ook zo met deze speech? Kan de verbinder niet zonder de rebel? In het geval van Thunberg’s speech twijfel ik. Wat ik wel weet, is dat ik energie krijg van verbinding en activatie. Dat is mijn eerste stap. Samen met klanten, elke klus keer weer.


Terugblik op 10 jaar positive change - Blog Leontine Gast (1/2)

Deze blog is gebaseerd op de speech die Leontine Gast, oprichter van The Terrace, gaf tijdens de gelegenheid van ons 10-jarig bestaan op 7 november 2017. Dit is een terugblik op het ontstaan van The Terrace in 2007, in de volgende blog schetst Leontine juist een vooruitblik aan de hand van haar eigen wensenlijstje voor de toekomst.

Wat speelde er in 2007 allemaal?

In de wereld van voeding startte het Europese EKO keurmerk, begon UTZ Certified met het Cacaoprogramma en lanceerde de Dierenbescherming het Beter Leven Keurmerk. De eerste Nederlandse Fair Trade Week ziet het licht. Aandacht voor klimaatverandering blijkt uit het feit dat de IPCC de Nobelprijs voor de Vrede ontvangt. En het was warm in 2007: de gemiddelde temperatuur was 11,2 graden en samen met 2006 de warmste jaren ooit gemeten sinds 1706.

Dit bestond er allemaal nog niet: WhatsApp, Uber, AirBnB, Spotify, Tesla en Pinterest. En de zoekterm ‘circulaire economie’ leverde nog geen enkel resultaat op.

We moesten vaak nog uitleggen dat duurzaamheid geen hype was, maar een onderdeel van de bedrijfsvoering. Dat het niet alleen om milieu maar ook om mensen ging. Inmiddels houden we ons gelukkig veel meer bezig met het bedenken en implementeren van oplossingen.

Hoe The Terrace is ontstaan

In 2006 ben ik weg gegaan bij Albert Heijn waar ik 9 jaar gewerkt heb. Daar ben ik in dienst gekomen als initiatiefnemer en oprichter van de biologische productlijn, een vernieuwend idee dat heel spannend was voor AH. En zeker ook voor mij! Ik wilde die impact voor de biologische landbouw graag bereiken. Dat lukte ook, en ik groeide binnen de organisatie. Gaandeweg werd ik echter steeds meer onderdeel van het bedrijf en begon mijn eigenheid wat te verliezen.

Ik was dus op zoek naar iets nieuws, maar wist nog niet precies wat en in welke vorm. Wat ik wel heel goed wist is dat ik me weer voor 100% bezig wilde houden met de wereld mooier maken. Dat was altijd al mijn drijfveer. Voor mijn eerste baan na mijn studie solliciteerde ik bij Unilever; daar kreeg ik een afwijzing met de motivatie dat ik wel slim genoeg was, maar ook te maatschappelijk geëngageerd was om bij het bedrijf te passen. Opvallend is dat toentertijd duurzaamheid helemaal nog niet op de agenda stond.

Vanaf midden 2000 zette het Nederlandse bedrijfsleven langzaam maar zeker het onderwerp duurzaamheid op de agenda. Uit ervaring als de eerste MVO-manager van AH en wellicht ook in Nederland, wist ik dat dit soort trajecten vaak tergend traag gingen. Zeker als er geen business case tegenover stond, werd het al snel heel dikke stroop. En omdat ik nogal ongeduldig van aard ben, dacht ik al snel dat dit soort trajecten prima bij verschillende bedrijven tegelijkertijd konden lopen. En dat ik mijn liefde voor merkstrategie daar goed voor kon inzetten. Zo begon ik in 2007 The Terrace, met de pay-off, “sustainable brands, competative edge”. Duurzaamheid als onderscheidend vermogen.

Mijn eerste opdracht was het creëren en toetsen van een innovatief drinkwater apparaat van Philips voor de Indiase markt. De eerste stagiaire betaalde ik aan het einde van de eerste maand cash omdat ik eigenlijk niet wist hoe dat werkte. Mijn zus die arbeidsadvocaat is, vond dat helemaal geen goed idee en heeft sindsdien alle contracten voor The Terrace gemaakt. De tweede opdracht was in samenwerking met Pierre Hupperts voor de HIER campagne. Een klimaat campagne om mensen en bedrijven bewust te maken van energieverbruik en wat je allemaal kon doen om je impact op het milieu te verminderen.

Limburgse honing en de Amsterdamse mosterd

Pierre en ik hebben elkaar in de 90er jaren ontmoet bij het Social Venture Network en aten sindsdien tenminste 1 keer per jaar Thais bij Birdies op de Zeedijk. Hoe verschillend wij als personen en achtergronden ook zijn, onze zakelijke en inhoudelijke gelijkgestemdheid maakt dat we goed samenwerken en dat leidde er in 2011 toe dat Pierre als partner toetrad tot Terrace. De combinatie van de Limburgse honing en de Amsterdamse mosterd levert voor onze klanten een mooi resultaat.

Het betekende wel dat Terrace een hybride positionering heeft; van strategie en stakeholder dialogen aan de ene kant en merkpositionering en communicatie aan de andere kant. We combineren de klassieke consultancy en de communicatiebureaus. Een breed pakket van diensten dus voor een klein bedrijf. Echter, het groene hart is wat alles met elkaar verbindt. De wens om de wereld mooier te maken, het analytische vermogen om keuzes te maken, de creativiteit om de vertaalslag naar de markt te maken. We zijn allemaal intrinsiek inhoudelijk gemotiveerd, willen van de hoed en de rand weten. Laatst zei iemand tegen mij dat we eigenlijk een content bureau zijn, ik denk dat dat ook wel klopt.

Vandaag

Anno 2017 zijn we met een vaste kern van 9 mensen, door alle werkende generaties heen. Zo houden de verschillende leeftijden elkaar goed op de hoogte en scherp. Er is bij Terrace altijd een bovengemiddeld aantal vrouwen werkzaam. Waarom weet ik niet, maar het feit is dat we dus altijd op zoek zijn naar groene mannen! We werken met een flexibele schil van experts op het gebied van Public Affairs, Video creatie, Infographics, Webbouwer, Dtp, etc. Zo hebben we altijd in huis wat we precies nodig hebben.

Ik vind dat je jong talent een baan moet bieden, zo krijgen ze een stabiele start in hun werkzame leven en kunnen ze eventueel een hypotheek aanvragen! We hebben vele geweldige medewerkers mogen begeleiden tot positive agents. En we hebben maar liefst 26 stagiaires opgeleid.

We hebben tot nu toe voor ruim 115 klanten gewerkt, van Ahrend tot Zonnatura. Met diverse vragenstukken op gebied van MVO strategie, merkstrategie en communicatie. Soms een opdracht van 2 maanden, soms voor vele jaren. We zijn 2 keer verhuisd en is er nog nooit een rekening niet betaald!

Ons werk betekent dat we in de kern van organisaties voor verandering zorgen, en dat heeft een grote mate van intimiteit. Als je geen vertrouwen hebt van de klant is het eigenlijk niet mogelijk om de gewenste verandering in gang te zetten. Een aardige anekdote is van een commercieel directeur jaren geleden. Hij ontving ons me de woorden: het is een zwarte dag, dat wij nou dure adviseurs moeten inhuren om ons MVO-beleid te maken. Jullie krijgen driekwartier en dat is eigenlijk al te lang! Na ruim 2 uur namen we afscheid en is hij altijd een ambassadeur geweest om MVO te implementeren en om ons aan te bevelen. Ons werk is eigenlijk altijd maatwerk, financieel niet altijd het meest rendabele maar wel het beste resultaat voor onze klanten.

Ik ben er trots op dat we met zo veel mooie bedrijven, merken en organisaties hebben mogen werken. In ons jubileumboekje laten we aan de hand van een aantal cases (NutriciaDopperMethodUnilever, Sociaal-Economische RaadSolidaridadResponsible Mining IndexLa CoppaAction) zien wat we bereikt hebben. Het was lastig om keuzes te maken over wie er in het boekje kwam, er zijn zoveel mooie verhalen te vertellen…

Toekomst

Voor de toekomst heb ik concrete 4 wensen voor positieve verandering waarmee we in mijn ogen de komende 10 jaar flink gas kunnen geven. Hier zal ik verder op ingaan in mijn volgende blog! Deze kan je begin januari verwachten! Stay tuned...

Heb je ons jubileumevenement gemist? Bekijk hier de after-movie!


Maak je volgende duurzaamheidsverslag een instrument voor positive change

Hoe kan een duurzaamheidverslag van een last omgezet worden in een instrument voor een betere toekomst? In eerdere gezamenlijke blog posts hadden we het vooral over materialiteit, maar uiteindelijk gaat het natuurlijk om het creëren van die betere toekomst. Deze blog gaat over manieren om meer uit het verslagleggingsproces te halen. Hopelijk precies op tijd voor diegene die zich midden in de planning van het volgende duurzaamheidsverslag bevinden.

Elk jaar komt de verslagleggingscyclus terug en elk jaar opnieuw komt er veel werk bij kijken. Vanzelf ontstaat dan de vraag of het die investering waard is. Voegt het verslag waarde toe aan de strategie van het bedrijf en aan haar duurzaamheidsinspanningen voor een betere toekomst? Draagt het bij aan de strategische doelen van het bedrijf, naast de naleving van regelgeving en de verantwoordingsverwachtingen van de stakeholders? Voor een verslaggevingsproces conform alle richtlijnen is het antwoord op deze vragen waarschijnlijk nee.

Waarom? Ten eerste omdat duurzaamheidsverslaggeving altijd in een spagaat zit. Duurzaamheid gaat over de toekomst en over lange termijn denken, maar bedrijfsrapportages gaan over het verleden en hebben een tijdsspanne van enkel één jaar. Ten tweede omdat de meeste bedrijven het verslaggevingsproces niet gebruiken om een daadwerkelijke verbinding te maken tussen de huidige duurzaamheidsprestaties en de toekomst. Met onze onderstaande tips kan je deze spagaat overbruggen en kan je het verslaggevingsproces als een krachtig instrument ingezetten. Daar gaan we dan!

Rapporteer het verleden in de context van de toekomst 

Begin bij de wereld die je voor de toekomst wilt! In wat voor wereld wil het bedrijf over vijf tot tien jaar werken? In plaats van alleen terug te kijken, raden wij aan het duurzaamheidsverslag te starten vanuit de lange termijn visie en missie van het bedrijf. Het verslag geeft vervolgens een overzicht van waar het bedrijf zich op dit moment bevindt binnen de beoogde planning.

Wat moet het bedrijf doen om deze visie te bereiken? Hoe ontwikkelen de inspanningen van het bedrijf zich om daar te komen? Als je aan het verslag begint met de visie en met deze vragen, dan schrijf je in de context van de toekomst. Dit is een veel nuttiger perspectief voor het bedrijf zelf en voor de lezers van het verslag.

Focus op wat voor de toekomst belangrijk is

Gebruik de materialiteitsanalyse verder dan het verslag! De meeste verslaggevingsrichtlijnen omvatten een zogenaamde materialiteitsanalyse om de duurzaamheidsonderwerpen te identificeren die in het verslag opgenomen moeten worden. De analyse conform de richtlijnen gaat meestal over wat stakeholders willen weten of wat het bedrijf als belangrijke risico's beschouwt, gebaseerd op eerdere prestaties en angsten voor de toekomst.

Wil je duurzaamheid naar een hoger niveau tillen, ga dan verder dan dit en stel de vraag: 'wat zijn de belangrijkste onderwerpen die we op strategisch niveau moeten managen om waarde te creëren voor zowel het bedrijf als voor de samenleving?' Betrek senior management bij deze analyse. De materialiteitsanalyse zal dan niet alleen de inhoud van het duurzaamheidsverslag informeren, maar zal dan ook een strategische discussie triggeren en een nieuw perspectief geven op wat belangrijk is. Dat is het moment voor duurzaamheid (en duurzaamheidsverslaggeving) om op de agenda van het senior management te komen.

Betrek de stakeholders voor je beoogde toekomst

Betrek je stakeholders bij waardecreatie! Stakeholders zijn van essentieel belang om werkelijk waarde te creëren voor het bedrijf en voor de samenleving. Betrek hen dan ook niet alleen bij het kiezen van de belangrijkste onderwerpen voor het duurzaamheidsverslag (zoals de meeste verslaggevingsrichtlijnen voorschrijven). Nogmaals, maak deze stap van de verslaggevingscyclus strategisch van aard in plaats van deze te beperken tot de scope van het verslag.

En blijf vervolgens ook echt in gesprek met de stakeholders. Beperk de rol van je stakeholders niet tot het kiezen van de onderwerpen. Luister echt naar wat er voor hen van belang is en wat hun doelen zijn. Verken gezamenlijk de wereld die jullie willen bouwen en het pad dat jullie voor oog stellen om daar te komen. Alleen dan ontstaan er kansen voor samenwerking en co-creatie om zowel je bedrijf als de samenleving sterker te maken.

Met deze tips kan je het duurzaamheidsverslag gebruiken als een instrument voor positieve veranderingen voor de toekomst, in tegenstelling tot een veel beperktere registratie van positieve veranderingen in het verleden. Laat ons weten welke tips je het meest nuttig vond!

Deze blog post maakt deel uit van een serie over duurzaamheidsverslaggeving en materialiteit. Het is geschreven door Marjolein Baghuis van The Terrace en Nelmara Arbex van Arbex & Company. Bij GRI hebben zij samengewerkt aan de ontwikkeling en stakeholder engagement rond de G4 Sustainability Reporting Guidelines. Beiden ondersteunen ze nu bedrijven bij strategische duurzaamheidsuitdagingen, materialiteitsanalyses en communicatie.

 


Routekaart voor een duurzaamheidsverslag

The Terrace houdt regelmatig workshops over MVO of duurzaamheidsverslaglegging, gericht op bedrijven die aan het begin staan van hun verslagleggingsreis en degene die hun verslag op een hoger plan willen trekken. Hieronder volgen de highlights die uit enkele workshops kwamen.

Start from why

De workshop startte met een brainstorm over de redenen om een duurzaamheidsverslag te publiceren. De deelnemers genereerden een lange lijst: betrekken van stakeholders als klanten, leveranciers en maatschappelijke organisaties; iets tastbaars voorhanden hebben om prestaties te laten zien; impact te meten en communiceren; verantwoording afleggen; het informeren en beïnvloeden van personeel om de duurzaamheidsstrategie waar te maken en nog veel meer. Sommige redenen zijn intern gericht, anderen meer extern. Sommige horen bij het beperken van risico's, andere zijn juist meer kansgericht.

Make the complex simple

Aan het begin van de workshop kregen alle deelnemers een leeg template voor het verslagleggingsproces. Middels interactieve oefeningen en groepsdiscussies legden we samen de verschillende stappen van de verslagleggingsreis af. Dit zijn de vragen die we daarbij beantwoorden.

Voorbereiden: Wie moeten er in het team? Wat zijn de rollen en de timings? Hoeveel budget is beschikbaar? Wat zijn de voorlopige onderwerpen om in het verslag op te nemen?

Betrekken: Welke stakeholders worden door je bedrijf beïnvloed en andersom, wie hebben invloed op het succes van je bedrijf? Hoe kun je hen effectief betrekken en hun issues beter begrijpen?

Kiezen: Wat zijn de materiële (of belangrijke) onderwerpen om in het verslag op te nemen (en in de strategie natuurlijk)? Waarin verschillen de prioriteiten tussen de bedrijfsleiding en de stakeholders? Wat zijn de doelstellingen en het plan van aanpak voor deze onderwerpen? En hoe ga je de prestaties meten?

Verzamelen: Uit welke bronnen zal straks de informatie voor het verslag moeten komen? Wie moeten daarbij worden betrokken? En wanneer moet deze informatie beschikbaar zijn? Is het reëel om dit allemaal af te hebben op tijd voor het eerste MVO verslag?

Verslaan: Wat zijn de voornaamste inhoudelijke blokken van het verslag? Hoe kun je deze inhoud het beste structureren om het verslag leesbaar te maken? Wie gaat straks de inhoud van het verslag schrijven, redigeren en checken?

Bij elke stap op de routekaart vulden de deelnemers van de workshop tips en ideeën voor hun verslag in.

Show the positive side of business

Daarna volgde een brainstorm sessie over hoe het verslag goed te kunnen gebruiken als het klaar is. Iedereen was het erover eens dat dit soort verslagen en hun inhoud nu onderbenut blijven in communicatie. Naast het hele verslag delen met stakeholders en de media, kwamen de deelnemers ook met tips als het inzetten van gedeeltes van het verslag op sociale media en op de website, het toespitsen van de inhoud om verschillende teams van collega's te betrekken, het trainen van sales manager om het verslag in commerciële gesprekken te gebruiken en - onze favoriet - een feest geven voor alle stakeholders om het verslag te lanceren.

Don't be afraid

Dit advies kwam steeds weer terug tijdens de workshop. Wees vooral eerlijk tegen jezelf en je stakeholders en deel daarom ook de zaken die (nog) niet goed gaan. Uiteraard altijd in combinatie met wat je ervan hebt geleerd en hoe je het verder gaat oppakken. Ook komt het voor dat je een materieel onderwerp nog niet goed kan meten. Geef ook dan eerlijk aan dat je dit als belangrijk onderwerp onderkent en wat je gaat doen om het in de toekomst wel meetbaar te maken. Een gebalanceerd, eerlijk verslag dat verder gaat dan het goede nieuws biedt meer geloofwaardigheid. Wees ook niet bang om gedurende het verslagleggingsproces om hulp te vragen. Een adviseur kan specifieke expertise en capaciteit toevoegen aan je reporting team, bij elke stap van het proces.

Aan het eind van de workshop waren de deelnemers in ieder geval minder bang om aan de reis onderweg naar hun eerste (of volgende) duurzaamheidsverslag te beginnen. We sloten de workshop af met een toast uit op de actiegerichte, bedrijfsspecifieke routekaarten die iedereen had gecreëerd tijdens de workshop!

Heb je interesse in hoe The Terrace jullie verslagleggingsreis kan ondersteunen? Neem dan contact op met Marjolein of doe mee aan één van de toekomstige workshops. De volgende workshop over duurzaamheidsverslaglegging vindt waarschijnlijk plaats in september 2017. Interesse om mee te doen? Stuur dan een email naar hello@theterrace.nl. We zien er naar  uit je welkom te heten!

Reacties van deelnemers aan de vorige workshop

* Zeer compacte, direct toepasbare kennisoverdracht!
* Veel expertise in huis met praktijkvoorbeelden van bedrijven.
* Vooral de routekaart en de materialiteitsanalyse waren heel handig.
* Fijne, competente partij met veel kennis van zaken. Lekker pragmatisch.

Geschreven door Marjolein Baghuis (@mbaghuis) voor The Terrace blog. Om up to date te blijven van The Terrace activiteiten, kunt u zich inschrijven onze nieuwsbrief of volg ons op Twitter, LinkedIn of Facebook.


Samen leren en in actie komen om plastic afval te verminderen

Op dinsdag 23 mei 2017 verwelkomde The Terrace een diverse groep mensen om te praten over plastic afval en de circulaire economie. De avond begon met een interview met Leontine Gast, oprichtster van The Terrace, gevolgd door een rondetafelbespreking over plastic afval in ons leven, geleid door Nelmara Arbex, CEO van Arbex & Company.

Het verleden en de toekomst van plastic

Leontine Gast is een expert in het invoeren van ‘purpose’ bij merken en organisaties. Ze werd deze avond geïnterviewd door haar collega Marjolein Baghuis. Leontine werkt al meer dan twee decennia met het thema duurzaamheid, waaronder tien jaar als directeur van The Terrace: ‘the agency for positive change’. Middels haar werk met bedrijven en andere organisaties draagt Leontine bij aan de circulaire economie. Top tips van haar ervaringen met betrekking tot plastic afval richten zich zowel op gebruikers als op producenten van producten die plastic bevatten. Consumenten moeten veel meer bewustzijn ontwikkelen; zodra zij echt begrijpen wat ze kopen zullen ze andere keuzes maken. Producenten moeten oplossingen blijven pionieren en hun leerervaringen blijven delen. Niet alleen oplossingen omtrent afvalstromen, maar ook eerder in de keten, vanaf het moment dat producten ontworpen worden. Een voorbeeld is design voor demontage, zoals Ahrend's visie op kantoormeubilair. Voor de komende jaren is een van de dromen van Leontine dat we een manier vinden om minder spullen te consumeren en produceren – en betere spullen – inclusief het reduceren van de hoeveelheid plastic die we creëren. Andere dromen zijn de overgang naar hernieuwbare energie en een overstap naar een meer plantaardig dieet.

Problemen delen en vragen over plastic afval

Na het interview leidde Nelmara Arbex een rondetafelgesprek over plastic in ons leven. We waren het er allemaal over eens dat de rol van plastic wel degelijk belangrijk is (om voedsel te beschermen, cosmetica te bewaren, enz.), maar dat het gebruik ervan echt uit de hand is gelopen. Voor ieder van ons is het bewustzijn van het probleem omtrent plastic begonnen met een eye-opening ervaring. Individueel in plastic verpakte bananen, de consumptie van plastic waterflesjes in landen met uitstekend kraanwater, stranden met ontzettend veel plastic afval, een shampoo fles in het midden van de jungle. Maar ook simpelweg de shock die het scheiden van plastic afval met zich meebracht, vaak bestaat meer dan de helft van ons afval uit plastic! In de groep hebben we manieren gedeeld om zo veel mogelijk plastic afval te vermijden, zoals:

  • Neem je eigen tassen mee naar de supermarkt, ook voor verse producten;
  • Draag een herbruikbare waterfles en/of koffiemok met je mee;
  • Bereid zo veel mogelijk je eigen voedsel en probeer ook andere huishoudelijke artikelen zelf te maken;
  • Scheid het plastic afval van het restafval;
  • Beïnvloed en motiveer je vrienden en collega’s om plastic te hergebruiken.

Ook hebben we onze vragen over plastic gedeeld. Voor sommigen vonden we antwoorden (in cursief), anderen bleven onbeantwoord:

  • Kan biologisch afbreekbaar plastic gerecycled worden met het reguliere plastic afval? Nee, gooi dit a.u.b. bij het GFT-afval.
  • Hoeveel plastic wordt er gerecycled in onze stad (Amsterdam) en wat gebeurt hier eigenlijk mee? De inwoners van Amsterdam verzamelen slechts 8% van hun plastic afval. Na het sorteren, schoonmaken en versnipperen, wordt het gerecyclede plastic gebruikt voor nieuwe producten zoals fleece truien, speelgoed, meubels en leidingen.
  • Waarom worden de ingrediënten van eten en kleding gedetailleerd gespecificeerd op labels, maar zijn de specificaties voor (plastic) verpakkingen nergens te vinden?
  • Waar kan ik voedingsmiddelen kopen zonder overbodige plastic verpakkingen?
  • Waar ligt de balans en de waarheid rondom voedselverspilling en plastic verpakkingen?

Gedragsverandering ondersteunen

Gedragsverandering ondersteunen door verder te gaan dan regels en voorschriften We hebben ons ook afgevraagd welke regelgeving er op het gebied van verpakkingen bestaat. We zijn ons bewust van het feit dat de nieuwe EU-wetgeving in de maak is, maar we realiseerden ons ook dat gedrag niet zal veranderen enkel door het invoeren van regels en het bieden van rationele informatie. We moeten een beroep doen op emoties, gevoelens en instincten om mensen aan te sporen tot verandering. Een paar van onze aanbevelingen zijn:

  • Duurzaamheid invoeren als vak of onderwerp in het onderwijs, op alle niveaus;
  • Het makkelijk en praktisch maken voor consumenten, winkeliers en fabrikanten om het gebruik van plastic te verminderen en om plastic te hergebruiken of te recyclen. Dit kan eventueel door middel van interactieve recycling-ondersteunende apps, of apps die bijvoorbeeld helpen met het vinden van winkels waar minder verpakkingen gebruikt worden.
  • Op de verpakking van producten niet alleen de calorieën en ingrediënten te plaatsen, maar ook een afvalindicator;
  • Gebruik maken van emoties en ‘storytelling’ op het gebied van plastic afval om meer bewustzijn te creëren;
  • Vraag CEO's om een week zonder plastic te leven en hun ervaringen openbaar te delen;
  • Betrek beroemdheden om mensen op een positieve manier te keren tegen de huidige weggooicultuur.

Het was geweldig om gelijkgestemde mensen bij dit evenement te ontmoeten. Bedankt voor jullie actieve deelname aan deze discussie Jacobien Crol, Nierika Hamaekers, Frank Kohl, Sari Kuvaja, James Rowbotham, Kajsa Rosenblad en Tal Ullmann. Allemaal sterk overtuigd van het feit dat we impact kunnen hebben, elk met een krachtige persoonlijke motivatie om positieve verandering te creëren!

Dit blog is geschreven door Marjolein Baghuis om het resultaat van het rondetafelgesprek op het OpenIDEO-platform te delen. Het verschijnt ook op de website van Changeincontext.com.


Niet-financiele verslaglegging: van vragen en klagen naar verkennen en kleur bekennen

In de afgelopen maanden is er veel te doen geweest rondom de jaarverslaggeving van bedrijven. Op zich niet vreemd, omdat veel bedrijven hun jaarverslag publiceren in de eerste maanden van het jaar. Maar dit jaar leek er meer discussie te zijn rondom niet-financiële ofwel duurzaamheidverslaglegging. Deels veroorzaakt door de nieuwe EU Richtlijn over Niet-Financiële VerslagleggingMaar ook door het steeds groeiende aantal bedrijven dat toegevoegde waarde haalt uit de integratie van duurzaamheidsthema's in hoe zij hun resultaten beoordelen en communiceren.

Voldoen aan de vragen van de EU Directive over Niet-Financiële Verslaglegging

Met als onderliggende gedachte dat transparantie over duurzaamheid zal leiden tot betere prestaties, heeft de EU een richtlijn over niet-financiële verslaglegging aangenomen. Ondertussen is dat in bijna alle EU landen omgezet tot nationale wetgeving. De richtlijn is van toepassing op beursgenoteerde bedrijven, banken en verzekeraars met meer dan 500 werknemers. Het vraagt om openbaarmaking van diverse niet-financiële onderwerpen, om belanghebbenden een beter beeld te geven over het duurzaamheidsbeleid en de prestaties van het bedrijf. Wat zijn de onderwerpen waar de EU om vraagt? Het moet ten minste het beleid en de risicoanalyse bevatten, plus de resultaten en kengetallen over:

* milieuzaken;

* sociale en personeelsonderwerpen;

* respect voor mensenrechten;

* maatregelen tegen corruptie en omkoping;

* diversiteit in de raden van bestuur en commissarissen.

De richtlijn schrijft niet in detail voor hoe de verslaglegging eruit dient te zien. Als een bedrijf (nog) niet kan rapporteren over een onderwerp, mag het gewoon uitleggen waarom niet. En bedrijven zijn vrij om de informatie naar eigen inzicht te structeren en publiceren. Het kan als deel van het jaarverslag of in een apart document. In tegenstelling tot de financiële verslagen, hoeft deze data niet extern geverifieerd te worden. Wel moet de accountant checken of alle relevante informatie openbaar gemaakt is en of deze niet in strijd is met andere beschikbare bedrijfsinformatie.

Klagen over de rapportageverplichting

Naar verwachting is deze richtlijn van toepassing op 6000 Europese bedrijven. Dus je zou wat gezucht en geklaag van deze groep verwachten. Echter, de meeste van deze bedrijven rapporteren hun duurzaamheidsbeleid en -prestaties al jarenlang op hun website, in separate MVO-verslagen of geïntegreerd in hun financiële verslaglegging. Zal deze nieuwe richtlijn dan wel effect hebben? Gelukkig wel.  De bedrijven die duurzaamheid strategisch hebben opgenomen in hun verslaggevingscyclus hebben hier baat bij gehad. Maar er zijn ook bedrijven die dit meer als verplichting hebben opgevat, of die duurzaamheid (nog) niet hebben gekoppeld aan hun bedrijfsstrategie. Vaak rapporteren zij op onderwerpen waarvoor het relatief makkelijk is om de data te verzamelen, of op onderwerpen waardoor ze er goed vanaf lijken te komen. Voor deze bedrijven zal het een uitdaging zijn om te voldoen aan de eisen van de EU richtlijn. Omdat ze nog geen beleid, doelstellingen en resultaten hebben op de bovenstaande onderwerpen levert de nieuwe wetgeving voor hen zeker extra werk op.

De waarde van geïntegreerd denken verkennen

Veel van de bedrijven die onderweg zijn om transparanter te worden hebben kansen gezien om hun impact en hun bedrijf tegelijkertijd te verbeteren. De bedrijven die het meest profiteren van deze exercitie zijn degenen die echt verkennen wat hun materiële onderwerpen zijn. Dit zijn onderwerpen om verslag van te doen, maar veel belangrijker nog, de onderwerpen waarop de focus van de strategie moet liggen. In een materialiteitsanalyse verkent een bedrijf de impact - zowel positief als negatief - die het heeft op de maatschappij in brede zin. Vanuit hun eigen perspectief, en het perspectief van hun stakeholders of belanghebbenden.

Vanuit deze analyse krijgen ze een beeld hoe de relevante sociale, milieu en economische variabelen samenwerken, idealiter om tegelijkertijd waarde te creëren voor aandeelhouders, belanghebbenden en de maatschappij. Een diepgaande materialiteitsanalyse levert de basis voor een geïntegreerde strategie met duidelijke aandachtsgebieden, ieder met eigen doelen en actieplannen. Deze strategische integratieexercitie is van waarde voor alle bedrijven, niet alleen diegenen op wie de EU richtlijn van toepassing is.

Kleur bekennen middels focus, dilemma's en resultaten

Zodra je keuzes hebt gemaakt voor specifieke de aandachtsgebieden in de strategie en de verslaggeving, beken dan ook kleur met je keuzes en communiceer deze duidelijk. Wellicht moet je zelfs uitleggen waarom niet alle onderwerpen van de EU richtlijn van toepassing zijn. In de verslagleggingscyclus (en elders), deel niet alleen wat je hebt bereikt met je geïntegreerde strategie, maar ook de dilemma's die je bent tegengekomen en op welke onderwerpen je de doelen nog niet hebt bereikt. Een eerlijk, gebalanceerd verslag over je resultaten bouwt vertrouwen. Het is ook een goede manier om medewerkers te betrekken, om met hen successen te vieren en op zoek te gaan naar nieuwe oplossingen om nog niet behaalde doelstellingen te bereiken.

Heb je interesse in wat duurzaamheidsverslaggeving voor jouw bedrijf zou kunnen betekenen of wil je weten hoe hiermee te beginnen? Schrijf je dan in voor onze eerstvolgende reporting workshop op 22 juni 2017. Meer informatie daarover vindt je via deze link. Is de EU Richtlijn op jouw bedrijf van toepassing en heb je behoefte aan een quick-scan om te bepalen of je huidige verslaggeving wel voldoet? Neem dan contact op met Marjolein via marjolein@theterrace.nl.

Geschreven door Marjolein Baghuis (@mbaghuis) voor The Terrace en de Changeincontext.com blogs. Om up to date te blijven van The Terrace activiteiten, kunt u zich inschrijven onze nieuwsbrief.


Top tips om je duurzaamheidsverslag te verbeteren

In de laatste tien jaar zijn transparantie en verslaglegging over duurzaamheid enorm verbeterd. Dit geeft de maatschappij toegang tot informatie die meestal niet beschikbaar is financiële jaarverslagen. Duurzaamheid- of niet-financiële verslaglegging biedt stakeholders - zoals investeerders, wetgevers, medewerkers, NGO's, omwonenden, partners, etc. - toegang tot informatie over de sociale, milieu en economische impact van een bedrijf, rechtsstreeks vanuit de bron.

Maar er is niet alleen goed nieuws van het rapportage front, omdat veel duurzaamheidsverslagen nog altijd meer dan 100 pagina's bevatten, lastig te lezen zijn en geen focus hebben op wat er echt toe doet. Vele lijken op glossy tijdschriften en sommigen bieden ook vergelijkbare diepgang in hun inhoud. Ze presenteren een te positief, vertekend beeld van de realiteit. Ze riskeren het om als greenwashing te worden afgedaan en waardeloos te zijn voor mensen die de informatie willen gebruiken voor het nemen van (financiële) beslissingen. Of om in te schatten in hoeverre het management in staat is om met sociale en milieu vraagstukken om te gaat.

It's time to cut the crap!

Goede verslagen zijn duidelijk, gebalanceerd en hebben een duidelijke focus on de belangrijkste onderwerpen. Verslagen die lastig te navigeren zijn, te positief zijn of geen focus hebben richten meer schade aan dan dat ze iets bijdragen aan de reputatie van het bedrijf. Als ze geen inzicht bieden in de inspanningen, dilemma's en resultaten bij het aanpakken van concrete maatschappelijke issues, dan dragen dit soort verslagen alleen maar bij aan de overweldigende hoeveelheid nutteloze informatie die we dagelijks over ons heen krijgen.

De Europese Richtlijn over Niet-Financiële Verslaglegging vereist van duizenden bedrijven om verschillende thema's rondom duurzaamheid te integreren in hun jaarlijkse verslagleggingscyclus. Dit biedt een mooie kans voor iedereen die zich bezig houdt met verslaglegging om een stap naar betere verslagen te maken. Het kaf van het koren scheiden (ofwel cutting the crap) helpt ervaren en nieuwe verslaggevers om meer focus aan te brengen. Het verhoogt de kwaliteit en verlaagt de kosten - iets dat we allemaal graag willen!

Hier zijn onze tips to cut the (reporting) crap!

Charming, but irrelevant

Verslaggeving is geen miss verkiezing. Duurzaamheidsverslaggeving richtlijnen, zoals die van de Global Reporting Initiative (GRI), schrijven geen specifiek ontwerp of format voor. Deze richtlijnen bieden houvast voor het opstellen van hoogwaardige inhoud van je verslag. Goed gestructureerde, heldere informatie is waar het echt om gaat. Als je het daarnaast ook mooi wilt maken en illustraties wil toevoegen die de bijdragen aan de duidelijkheid en navigatie is dat mooi meegenomen. Maar goed georganiseerde, relevante inhoud komt echt op de eerste plaats. Altijd.

Random and unfocused

Laat je niet afleiden. Brengt focus aan door een grondige materialiteitsanalyse, een belangrijke stap in de totstandkoming van een goed duurzaamheidsverslag. Het ondersteunt bij het maken van keuzes om tot die onderwerpen te komen die zowel voor de toekomst van het bedrijf als van de maatschappij van belang zijn. Deze onderwerpen worden gekozen door de strategische visie van het management te combineren met input van strategische stakeholders, zoals medewerkers, klanten, wetgevers, omwonenden en partners.

Indien goed uitgevoerd, levert deze analyse een korte lijst van onderwerpen op die zowel van maatschappelijk belang zijn als relevant voor de strategie en de belangrijkste activiteiten van het bedrijf. Als je deze lijst van materiële onderwerpen hebt, ben je klaar om de juiste indicatoren te kiezen die je het beste in staat stellen om intern en extern duidelijk te maken welk doel wordt nagestreefd en welke vooruitgang reeds is geboekt. Dit zijn de enige onderwerpen die in het verslag moeten.

Annoyingly abundant

Voeg geen extra informatie toe. Basisgegevens over de organisatie - zoals bedrijfsgrootte, aantal medewerkers, markten waarin je actief bent, de lokatie van het hoofdkantoor - en de indicatoren over de materiële onderweren moeten in het verslag. Niet meer, en niet minder.

Check de lijst met de basisgegevens die erin moeten, zoek de vereiste informatie, structureer en presenteer het in de meest duidelijke manier. Zonder trucjes of misleiding. En als je om één of andere reden nog niet kunt rapporteren over een vereist onderwerp, leg dan uit waarom niet. Zo eenvoudig is het.

Voeg geen overbodige informatie toe, ook als dat de organisatie er wellicht beter uit laat zien. Een verslag moet gebalanceerd zijn: de uitdagingen en dilemma's moeten niet bedolven worden onder minder relevante inhoud. Een overvloed aan informatie - zelfs wanneer het prachtig gepresenteerd wordt - kan juist schadelijk zijn voor de leesbaarheid en de reputatie.

Poorly planned and costly

Het verzamelen van hoogwaardige informatie is niet goedkoop. Het vergt de inzet van tijd en geld om eenheden, afbakeningen en processen te bepalen. En om systemen aan te leggen voor de verwerking, controle en analyse van de data.

Vooraf een goede routekaart vaststellen bevordert de kwaliteit van het verslag en de optimale inzet van waardevolle uren en andere middelen. Stel een duidelijke eigenaar aan voor het verslagleggingsproces, waar nodig ondersteund door een extern adviseur. Zoals mensen met specifieke expertise over verslaglegging, duurzaamheidscommunicatie, etc. En mocht je een externe controle op je prestaties willen, ook dan beperkt goede planning en "cutting the crap" de kosten.

Deze tips helpen jou en jouw organisatie om de verslaglegging te verbeteren - en kosten te beperken - door vooruitgang te boeken van:

⇒  Charming to clear

⇒  Random to relevant

⇒  Abundant to accurate

⇒  Poorly planned to professional

 

Juist in deze tijd waar belangrijke weloverwogen beslissingen van groot belang zijn kunnen we nuttige informatie niet verloren laten gaan. Verstop de impact en prestaties van het bedrijf op belangrijke onderwerpen niet in de cacofonie van nutteloze informatie waarmee we elke dag overspoeld worden.

Join our campaign to cut the crap!

Deze blog is geschreven door Marjolein Baghuis van The Terrace en Nelmara Arbex van Arbex & Company. Het is eerder gepuliceerd op www.changeincontext.com and www.arbexandcompany.com


Ga eerst in bad voordat je met de billen bloot gaat

Is jouw bedrijf klaar om met de billen bloot te gaan? In 2010 liet de Zuid Afrikaans governance expert Mervyn King het publiek bij de GRI conferentie lachen. "If you're going to open your kimono, you better have a bath first." Eigenlijk best een goede analogie voor duurzaamheidverslaglegging en -prestaties. En voor veel Europese bedrijven met meer dan 500 personeelsleden is dit nu extra van toepassing.

EU directive over niet-financiële verslaglegging

Vanaf 2018 moeten veel Europese bedrijven met de billen bloot. Ze moeten dan publiceren over verschillende niet-financiële prestaties in 2017. De Europese Unie stemde in 2013 in met de Directive on disclosure of non-financial and diversity information. Sindsdien hebben de EU lidstaten deze directive omgezet in nationale wetgeving. Daarom zullen veel bedrijven in 2018 voor het eerst hun duurzaamheidsprestaties publiceren. KPMG onderzoek toont aan dat 74% van de grootste bedrijven reeds een duurzaamheidsverslag publiceert, of verschillende niet-financiele onderwerpen geintegreerd heeft in de jaarlijkse rapportagecyclus. Maar voor duizenden bedrijven zal het verslag over 2017 de eerste keer zijn dat ze hierover iets publiceren. 

 Hoog tijd voor een bad!

green-bathVoor bedrijven die nog niet eerder iest hebben gepubliceerd over hun prestaties op het gebied van duurzaamheid is dit het perfecte moment om een duurzaamheidsstrategie te formuleren - of aan te scherpen. Of nog beter, om duurzaamheid (nog verder) te integreren in de bedrijfsstrategie. De EU directive verplicht bedrijven om minimaal te rapporteren over hoe er is omgegaan met het milieu, sociale onderwerpen, werknemers, mensenrechten, anti-corruptie en afpersing. Het start allemaal met een goede analyse om je strategie voor de middellange termijn en je actieplannen voor 2017 een duidelijke focus en richting te geven. Hoe passen de verplichte onderwerpen bij de toekomst van je bedrijf? En hoe zien je stakeholders dit? Zijn er buiten dit verplichte lijstje nog andere maatschappelijke thema's om op te nemen in je strategie en verslaglegging?

Voor sommige bedrijven die binnen de EU richtlijn vallen is het bad wellicht een overbodige luxe, omdat ze al een strategie hebben, voortgang boeken om deze thema's en dit "alleen" maar hoeven te starten met verslaglegging. Voor anderen is het bad verre van overbodig, is het echt nodig om duurzaamheid (verder) op te pakken in 2017. Om dan echt vooruitgang te kunnen laten zien als ze met de billen bloot moeten in 2018.


Aandacht is het nieuwe groen

Twee grote merken lanceerden deze maand een nieuwe campagne waar ‘aandacht’ centraal staat. Ikea kwam met een nieuwe merkpositionering met de pay-off ‘Aandacht maakt alles mooier’ terwijl Aegon startte met de campagne ‘Aandacht voor je toekomst’. De merken lijken te volgen in een trend. Triodos maakt al een paar jaar sier met de slogan ‘Alles wat je aandacht geeft, groeit’ en ook vleeswarenfabrikant Stegeman stelt aandacht centraal in de communicatie.

Wat is hier aan de hand? Waarom is ‘aandacht’ het nieuwe toverwoord van marketeers en wat vindt de consument daar eigenlijk van? Uit recent onderzoek van De Persgroep Nederland blijkt dat zowel merken als consumenten een groeiende behoefte hebben aan echte aandacht. Ruim 70% van de ondervraagden verwacht dat het voor bedrijven steeds belangrijker wordt om hun oprechte aandacht te geven aan klanten. Waar veel bedrijven nu nog proberen aandacht te kopen, moet aandacht in onze tijd van internet en social media worden verdiend. Oftewel je moet aandacht geven om het te krijgen.

Eerste stap als merk is duidelijk maken waarvóór je dan precies aandacht hebt. In de eerste plaats je klanten, zoveel is duidelijk. Stegeman neemt dit wel heel letterlijk. In hun campagnefilmpje wordt de nietsvermoedende klaar-over moeder Lily meegetroond op paard en wagen naar acteur Thijs Römer, die haar in een kogelvrij vest staat op te wachten. Want: “Ze willen haar in het zonnetje zetten en daarbij is ze een groot fan van politieseries.” Leuk voor Lily, al die aandacht, maar de relatie met vleeswaren (en dus het merk) is volstrekt onduidelijk.

Dat doet Ikea toch beter. Met de nieuwe campagne toont Ikea hoe ontwerpers met aandacht bezig zijn met het ontwerpen van nieuwe producten, waarbij het principe van Democratic Design wordt gehanteerd: balans tussen design, kwaliteit, functionaliteit, duurzaamheid en prijs. Aandacht dus voor het product, de behoefte van klanten, en de wereld om hen heen.

Ikea begrijpt dat de keuken niet langer alleen dient om te koken, maar vaak het hart vormt van ons huis. Door vanuit het DNA van het merk in te spelen op deze latente behoefte weet Ikea gebruikers aan zich te verbinden. Duurzaamheid wordt hierbij integraal meegenomen en niet langer behandeld als een ‘dingetje’ dat ernaast wordt gedaan om de negatieve impact van het bedrijf te verminderen. Aandacht voor de aarde en samenleving is net zo vanzelfsprekend geworden als aandacht voor het product.

Het voorbeeld van Ikea laat zien hoe ‘oprechte aandacht’ gezien kan worden als een verschuiving van duurzaamheid en MVO naar ‘maatschappelijk relevant’ zijn. Aandacht is het nieuwe groen.

 


Brandaid? Bedrijven en hulpverlening: shared value in tijden van nood

Op 25 april werd Nepal getroffen door een zware aardbeving die tot nu toe bijna 8.000 mensen het leven heeft gekost. Volgens het Rode Kruis is er, twee weken na de ramp, nog steeds grote behoefte aan basishulp, zoals schoon drinkwater, tenten, zeilen en medische hulp. In Nederland startten de samenwerkende hulporganisaties een actieweek om geld in te zamelen voor de duizenden slachtoffers die dringend hulp nodig hebben. De actie eindigt vanavond.

Scholen, sportverenigingen, kerken, BN’ers – de betrokkenheid bij grote rampen is groot. Ook grote bedrijven dragen steeds vaker zichtbaar bij aan noodhulpverlening. Vaak in de vorm van donaties, maar in toenemende mate ook door structurele samenwerking met internationale hulporganisaties zoals het Rode Kruis en het UN World Food Program.

Multinationals als de nieuwe barmhartige Samaritaan?

Yeah right. Logisch dat de groeiende aanwezigheid van corporates in de non-profit wereld van noodhulp tot scepsis leidt. Maar veel hulporganisaties spreken zich inmiddels uitgesproken uit vóór gecoördineerde samenwerking met het bedrijfsleven. Ook uit onderzoek blijkt dat samenwerking met de private sector noodhulp duurzamer en efficiënter maakt.

De echte waarde die bedrijven toevoegen komt niet in harde dollars, maar in de specifieke capaciteiten die ze vanuit hun core business leveren. De grootste directe hulp komt in de vorm van nieuwe technologie en andere innovaties, en het delen van technische capaciteiten zoals logistiek en telecommunicatie. Zo deelt DSM kennis en producten op het gebied van voeding. Via het World Food Program leveren ze poederzakjes die rijk zijn aan vitaminen en mineralen, zodat de slachtoffers in Nepal – maar ook miljoenen in andere crisisgebieden – toegang hebben tot verrijkt voedsel.

What’s in it for DSM?

Is deze hulp van multinationals volledig onzelfzuchtig of wordt menselijk lijden gebruikt voor het maken van schaamteloze reclame? Natuurlijk is betrokkenheid goed voor het imago van een bedrijf. Als op het journaal te zien is dat hulpverleners rondrijden in een Landrover doet dat meer voor je merk dan een reclame met mooie mensen die een fantastisch leven leiden.

Ook heeft het een positieve invloed op de moraal van werknemers. Want wie wil er nu niet werken voor een organisatie die opstaat om mensen in nood te helpen? Het Rode Kruis maakt het met hun Distaster Relief Partner Program voor bedrijven makkelijk om hun medewerkers snel, eenvoudig, creatief en krachtig in actie te laten komen.

Maar veel bedrijven kijken ook verder dan de eerste periode van crisishulp. Helaas zijn het vooral minder ontwikkelde landen die getroffen worden door zwaar natuurgeweld of humanitaire crisis. Veel gebieden kampten ook voor het uitbreken van de ramp met gebrekkige toegang tot schoon drinkwater, voedsel en moderne communicatiemiddelen.

Hoe wrang het ook is, ingrijpende gebeurtenissen zoals een aardbeving of overstroming kunnen het getroffen gebied in aanraking brengen met nieuwe technologie en andere innovaties. Ook tijdens en na de wederopbouw kunnen deze duurzame waarde toevoegen aan kwaliteit van leven van de lokale bevolking. Bijvoorbeeld door de introductie van mobiele telefonie, zonnepanelen of een verbeterde infrastructuur.

En ja, ook bedrijven spinnen daar garen bij. Want welvaart voor de locals betekent mogelijk nieuwe markten voor bedrijven. En dat is waar shared value over gaat. Het zien van business opportunities door het oplossen van maatschappelijke issues.

Geschreven door Jacobien Crol & Leontine Gast

De landelijke actie voor Nepal eindigt vanavond. Ook daarna kunnen mensen via www.giro555.nl blijven helpen. Directe noodhulp blijft de komende tijd hard nodig.