Co-creatie sessie, BrightPensioen

Tijdens Bright Future zijn we met onze leden de dialoog aangegaan. Het meest interactieve onderdeel was een co-creatie sessie. Deze werd begeleid werd door The Terrace, een communicatie- en adviesbureau op het gebied van MVO uit Amsterdam. Samen met de leden werd gebrainstormd over creatieve invullingen voor de toekomst van Bright. Met een veel post-its en een interactieve app kwamen de meest creatieve ideeën tot stand. De resultaten smaakten naar meer co-creatie!

Co-creatie

Het doel van de brainstorm was om samen na te denken over de vraag: Hoe kan Bright haar ledengroei laten accelereren om zo snel mogelijk winst aan de leden uit te kunnen keren?  De meerderheid van de aanwezigen was ervan overtuigd dat Bright eind 2019 de tienduizend deelnemers kan halen. Maar hoe?

The sky is the limit

Met hulp van The Terrace lieten we de deelnemers eerst dromen over de toekomst in de ronde: ‘the sky is the limit’. Deelnemers moesten zich indenken dat ze alle mogelijke middelen tot hun beschikking hadden, van oneindig veel geld tot de nieuwste technologieën. Er werden fantastische en creatieve ideeën bedacht. Zo werd geopperd dat alle nieuwe leden als beloning meegenomen worden naar een tropisch eiland en werd er een escaperoom gebouwd waar je pas uit kan komen als je een pensioen hebt geregeld.

Back to earth

Geïnspireerd door deze creatieve, maar niet altijd even realistische ideeën, werd het tijd om de ideeën te laten landen. Er mochten twee ‘sky is the limit’ ideeën worden uitgekozen om die vervolgens praktisch uit te gaan werken. De ideeën werden steeds concreter. Leden in staat stellen lokaal workshops te geven. Het openen van een kinderrekening. Lessen op scholen geven. Leden belonen met aandelen als ze een nieuw lid aandragen.

[/vc_column_text]

Doe mee!

Uit alle goede ideeën zijn de drie hoofdthema’s gekomen die verder uitgewerkt gaan worden in de deep-dive sessies.

  • Member get member. Hoe kunnen we onze bestaande deelnemers belonen voor hun ambassadeurschap. We geven immers liever ons marketing budget uit aan onze bestaande deelnemers
  • Hoe krijgen we de zzp’er aan pensioen. En dan vooral: hoe beïnvloeden we het uitstelgedrag.
  • Bright customer portal. We willen graag ons deelnemersportaal beter, mooier en klantviendelijker maken.

Ben je Bright lid en wil jij meedenken over een of meer van bovengenoemde onderwerpen? Meldt je dan aan op onze besloten Bright community op Linkedin of stuur een e-mail naar events@brightpensioen.nl. We nodigen je dan uit zodra we deze gepland hebben.


Terugblik op 10 jaar positive change - Blog Leontine Gast (1/2)

Deze blog is gebaseerd op de speech die Leontine Gast, oprichter van The Terrace, gaf tijdens de gelegenheid van ons 10-jarig bestaan op 7 november 2017. Dit is een terugblik op het ontstaan van The Terrace in 2007, in de volgende blog schetst Leontine juist een vooruitblik aan de hand van haar eigen wensenlijstje voor de toekomst.

Wat speelde er in 2007 allemaal?

In de wereld van voeding startte het Europese EKO keurmerk, begon UTZ Certified met het Cacaoprogramma en lanceerde de Dierenbescherming het Beter Leven Keurmerk. De eerste Nederlandse Fair Trade Week ziet het licht. Aandacht voor klimaatverandering blijkt uit het feit dat de IPCC de Nobelprijs voor de Vrede ontvangt. En het was warm in 2007: de gemiddelde temperatuur was 11,2 graden en samen met 2006 de warmste jaren ooit gemeten sinds 1706.

Dit bestond er allemaal nog niet: WhatsApp, Uber, AirBnB, Spotify, Tesla en Pinterest. En de zoekterm ‘circulaire economie’ leverde nog geen enkel resultaat op.

We moesten vaak nog uitleggen dat duurzaamheid geen hype was, maar een onderdeel van de bedrijfsvoering. Dat het niet alleen om milieu maar ook om mensen ging. Inmiddels houden we ons gelukkig veel meer bezig met het bedenken en implementeren van oplossingen.

Hoe The Terrace is ontstaan

In 2006 ben ik weg gegaan bij Albert Heijn waar ik 9 jaar gewerkt heb. Daar ben ik in dienst gekomen als initiatiefnemer en oprichter van de biologische productlijn, een vernieuwend idee dat heel spannend was voor AH. En zeker ook voor mij! Ik wilde die impact voor de biologische landbouw graag bereiken. Dat lukte ook, en ik groeide binnen de organisatie. Gaandeweg werd ik echter steeds meer onderdeel van het bedrijf en begon mijn eigenheid wat te verliezen.

Ik was dus op zoek naar iets nieuws, maar wist nog niet precies wat en in welke vorm. Wat ik wel heel goed wist is dat ik me weer voor 100% bezig wilde houden met de wereld mooier maken. Dat was altijd al mijn drijfveer. Voor mijn eerste baan na mijn studie solliciteerde ik bij Unilever; daar kreeg ik een afwijzing met de motivatie dat ik wel slim genoeg was, maar ook te maatschappelijk geëngageerd was om bij het bedrijf te passen. Opvallend is dat toentertijd duurzaamheid helemaal nog niet op de agenda stond.

Vanaf midden 2000 zette het Nederlandse bedrijfsleven langzaam maar zeker het onderwerp duurzaamheid op de agenda. Uit ervaring als de eerste MVO-manager van AH en wellicht ook in Nederland, wist ik dat dit soort trajecten vaak tergend traag gingen. Zeker als er geen business case tegenover stond, werd het al snel heel dikke stroop. En omdat ik nogal ongeduldig van aard ben, dacht ik al snel dat dit soort trajecten prima bij verschillende bedrijven tegelijkertijd konden lopen. En dat ik mijn liefde voor merkstrategie daar goed voor kon inzetten. Zo begon ik in 2007 The Terrace, met de pay-off, “sustainable brands, competative edge”. Duurzaamheid als onderscheidend vermogen.

Mijn eerste opdracht was het creëren en toetsen van een innovatief drinkwater apparaat van Philips voor de Indiase markt. De eerste stagiaire betaalde ik aan het einde van de eerste maand cash omdat ik eigenlijk niet wist hoe dat werkte. Mijn zus die arbeidsadvocaat is, vond dat helemaal geen goed idee en heeft sindsdien alle contracten voor The Terrace gemaakt. De tweede opdracht was in samenwerking met Pierre Hupperts voor de HIER campagne. Een klimaat campagne om mensen en bedrijven bewust te maken van energieverbruik en wat je allemaal kon doen om je impact op het milieu te verminderen.

Limburgse honing en de Amsterdamse mosterd

Pierre en ik hebben elkaar in de 90er jaren ontmoet bij het Social Venture Network en aten sindsdien tenminste 1 keer per jaar Thais bij Birdies op de Zeedijk. Hoe verschillend wij als personen en achtergronden ook zijn, onze zakelijke en inhoudelijke gelijkgestemdheid maakt dat we goed samenwerken en dat leidde er in 2011 toe dat Pierre als partner toetrad tot Terrace. De combinatie van de Limburgse honing en de Amsterdamse mosterd levert voor onze klanten een mooi resultaat.

Het betekende wel dat Terrace een hybride positionering heeft; van strategie en stakeholder dialogen aan de ene kant en merkpositionering en communicatie aan de andere kant. We combineren de klassieke consultancy en de communicatiebureaus. Een breed pakket van diensten dus voor een klein bedrijf. Echter, het groene hart is wat alles met elkaar verbindt. De wens om de wereld mooier te maken, het analytische vermogen om keuzes te maken, de creativiteit om de vertaalslag naar de markt te maken. We zijn allemaal intrinsiek inhoudelijk gemotiveerd, willen van de hoed en de rand weten. Laatst zei iemand tegen mij dat we eigenlijk een content bureau zijn, ik denk dat dat ook wel klopt.

Vandaag

Anno 2017 zijn we met een vaste kern van 9 mensen, door alle werkende generaties heen. Zo houden de verschillende leeftijden elkaar goed op de hoogte en scherp. Er is bij Terrace altijd een bovengemiddeld aantal vrouwen werkzaam. Waarom weet ik niet, maar het feit is dat we dus altijd op zoek zijn naar groene mannen! We werken met een flexibele schil van experts op het gebied van Public Affairs, Video creatie, Infographics, Webbouwer, Dtp, etc. Zo hebben we altijd in huis wat we precies nodig hebben.

Ik vind dat je jong talent een baan moet bieden, zo krijgen ze een stabiele start in hun werkzame leven en kunnen ze eventueel een hypotheek aanvragen! We hebben vele geweldige medewerkers mogen begeleiden tot positive agents. En we hebben maar liefst 26 stagiaires opgeleid.

We hebben tot nu toe voor ruim 115 klanten gewerkt, van Ahrend tot Zonnatura. Met diverse vragenstukken op gebied van MVO strategie, merkstrategie en communicatie. Soms een opdracht van 2 maanden, soms voor vele jaren. We zijn 2 keer verhuisd en is er nog nooit een rekening niet betaald!

Ons werk betekent dat we in de kern van organisaties voor verandering zorgen, en dat heeft een grote mate van intimiteit. Als je geen vertrouwen hebt van de klant is het eigenlijk niet mogelijk om de gewenste verandering in gang te zetten. Een aardige anekdote is van een commercieel directeur jaren geleden. Hij ontving ons me de woorden: het is een zwarte dag, dat wij nou dure adviseurs moeten inhuren om ons MVO-beleid te maken. Jullie krijgen driekwartier en dat is eigenlijk al te lang! Na ruim 2 uur namen we afscheid en is hij altijd een ambassadeur geweest om MVO te implementeren en om ons aan te bevelen. Ons werk is eigenlijk altijd maatwerk, financieel niet altijd het meest rendabele maar wel het beste resultaat voor onze klanten.

Ik ben er trots op dat we met zo veel mooie bedrijven, merken en organisaties hebben mogen werken. In ons jubileumboekje laten we aan de hand van een aantal cases (NutriciaDopperMethodUnilever, Sociaal-Economische RaadSolidaridadResponsible Mining IndexLa CoppaAction) zien wat we bereikt hebben. Het was lastig om keuzes te maken over wie er in het boekje kwam, er zijn zoveel mooie verhalen te vertellen…

Toekomst

Voor de toekomst heb ik concrete 4 wensen voor positieve verandering waarmee we in mijn ogen de komende 10 jaar flink gas kunnen geven. Hier zal ik verder op ingaan in mijn volgende blog! Deze kan je begin januari verwachten! Stay tuned...

Heb je ons jubileumevenement gemist? Bekijk hier de after-movie!


Samen leren en in actie komen om plastic afval te verminderen

Op dinsdag 23 mei 2017 verwelkomde The Terrace een diverse groep mensen om te praten over plastic afval en de circulaire economie. De avond begon met een interview met Leontine Gast, oprichtster van The Terrace, gevolgd door een rondetafelbespreking over plastic afval in ons leven, geleid door Nelmara Arbex, CEO van Arbex & Company.

Het verleden en de toekomst van plastic

Leontine Gast is een expert in het invoeren van ‘purpose’ bij merken en organisaties. Ze werd deze avond geïnterviewd door haar collega Marjolein Baghuis. Leontine werkt al meer dan twee decennia met het thema duurzaamheid, waaronder tien jaar als directeur van The Terrace: ‘the agency for positive change’. Middels haar werk met bedrijven en andere organisaties draagt Leontine bij aan de circulaire economie. Top tips van haar ervaringen met betrekking tot plastic afval richten zich zowel op gebruikers als op producenten van producten die plastic bevatten. Consumenten moeten veel meer bewustzijn ontwikkelen; zodra zij echt begrijpen wat ze kopen zullen ze andere keuzes maken. Producenten moeten oplossingen blijven pionieren en hun leerervaringen blijven delen. Niet alleen oplossingen omtrent afvalstromen, maar ook eerder in de keten, vanaf het moment dat producten ontworpen worden. Een voorbeeld is design voor demontage, zoals Ahrend's visie op kantoormeubilair. Voor de komende jaren is een van de dromen van Leontine dat we een manier vinden om minder spullen te consumeren en produceren – en betere spullen – inclusief het reduceren van de hoeveelheid plastic die we creëren. Andere dromen zijn de overgang naar hernieuwbare energie en een overstap naar een meer plantaardig dieet.

Problemen delen en vragen over plastic afval

Na het interview leidde Nelmara Arbex een rondetafelgesprek over plastic in ons leven. We waren het er allemaal over eens dat de rol van plastic wel degelijk belangrijk is (om voedsel te beschermen, cosmetica te bewaren, enz.), maar dat het gebruik ervan echt uit de hand is gelopen. Voor ieder van ons is het bewustzijn van het probleem omtrent plastic begonnen met een eye-opening ervaring. Individueel in plastic verpakte bananen, de consumptie van plastic waterflesjes in landen met uitstekend kraanwater, stranden met ontzettend veel plastic afval, een shampoo fles in het midden van de jungle. Maar ook simpelweg de shock die het scheiden van plastic afval met zich meebracht, vaak bestaat meer dan de helft van ons afval uit plastic! In de groep hebben we manieren gedeeld om zo veel mogelijk plastic afval te vermijden, zoals:

  • Neem je eigen tassen mee naar de supermarkt, ook voor verse producten;
  • Draag een herbruikbare waterfles en/of koffiemok met je mee;
  • Bereid zo veel mogelijk je eigen voedsel en probeer ook andere huishoudelijke artikelen zelf te maken;
  • Scheid het plastic afval van het restafval;
  • Beïnvloed en motiveer je vrienden en collega’s om plastic te hergebruiken.

Ook hebben we onze vragen over plastic gedeeld. Voor sommigen vonden we antwoorden (in cursief), anderen bleven onbeantwoord:

  • Kan biologisch afbreekbaar plastic gerecycled worden met het reguliere plastic afval? Nee, gooi dit a.u.b. bij het GFT-afval.
  • Hoeveel plastic wordt er gerecycled in onze stad (Amsterdam) en wat gebeurt hier eigenlijk mee? De inwoners van Amsterdam verzamelen slechts 8% van hun plastic afval. Na het sorteren, schoonmaken en versnipperen, wordt het gerecyclede plastic gebruikt voor nieuwe producten zoals fleece truien, speelgoed, meubels en leidingen.
  • Waarom worden de ingrediënten van eten en kleding gedetailleerd gespecificeerd op labels, maar zijn de specificaties voor (plastic) verpakkingen nergens te vinden?
  • Waar kan ik voedingsmiddelen kopen zonder overbodige plastic verpakkingen?
  • Waar ligt de balans en de waarheid rondom voedselverspilling en plastic verpakkingen?

Gedragsverandering ondersteunen

Gedragsverandering ondersteunen door verder te gaan dan regels en voorschriften We hebben ons ook afgevraagd welke regelgeving er op het gebied van verpakkingen bestaat. We zijn ons bewust van het feit dat de nieuwe EU-wetgeving in de maak is, maar we realiseerden ons ook dat gedrag niet zal veranderen enkel door het invoeren van regels en het bieden van rationele informatie. We moeten een beroep doen op emoties, gevoelens en instincten om mensen aan te sporen tot verandering. Een paar van onze aanbevelingen zijn:

  • Duurzaamheid invoeren als vak of onderwerp in het onderwijs, op alle niveaus;
  • Het makkelijk en praktisch maken voor consumenten, winkeliers en fabrikanten om het gebruik van plastic te verminderen en om plastic te hergebruiken of te recyclen. Dit kan eventueel door middel van interactieve recycling-ondersteunende apps, of apps die bijvoorbeeld helpen met het vinden van winkels waar minder verpakkingen gebruikt worden.
  • Op de verpakking van producten niet alleen de calorieën en ingrediënten te plaatsen, maar ook een afvalindicator;
  • Gebruik maken van emoties en ‘storytelling’ op het gebied van plastic afval om meer bewustzijn te creëren;
  • Vraag CEO's om een week zonder plastic te leven en hun ervaringen openbaar te delen;
  • Betrek beroemdheden om mensen op een positieve manier te keren tegen de huidige weggooicultuur.

Het was geweldig om gelijkgestemde mensen bij dit evenement te ontmoeten. Bedankt voor jullie actieve deelname aan deze discussie Jacobien Crol, Nierika Hamaekers, Frank Kohl, Sari Kuvaja, James Rowbotham, Kajsa Rosenblad en Tal Ullmann. Allemaal sterk overtuigd van het feit dat we impact kunnen hebben, elk met een krachtige persoonlijke motivatie om positieve verandering te creëren!

Dit blog is geschreven door Marjolein Baghuis om het resultaat van het rondetafelgesprek op het OpenIDEO-platform te delen. Het verschijnt ook op de website van Changeincontext.com.


Niet-financiele verslaglegging: van vragen en klagen naar verkennen en kleur bekennen

In de afgelopen maanden is er veel te doen geweest rondom de jaarverslaggeving van bedrijven. Op zich niet vreemd, omdat veel bedrijven hun jaarverslag publiceren in de eerste maanden van het jaar. Maar dit jaar leek er meer discussie te zijn rondom niet-financiële ofwel duurzaamheidverslaglegging. Deels veroorzaakt door de nieuwe EU Richtlijn over Niet-Financiële VerslagleggingMaar ook door het steeds groeiende aantal bedrijven dat toegevoegde waarde haalt uit de integratie van duurzaamheidsthema's in hoe zij hun resultaten beoordelen en communiceren.

Voldoen aan de vragen van de EU Directive over Niet-Financiële Verslaglegging

Met als onderliggende gedachte dat transparantie over duurzaamheid zal leiden tot betere prestaties, heeft de EU een richtlijn over niet-financiële verslaglegging aangenomen. Ondertussen is dat in bijna alle EU landen omgezet tot nationale wetgeving. De richtlijn is van toepassing op beursgenoteerde bedrijven, banken en verzekeraars met meer dan 500 werknemers. Het vraagt om openbaarmaking van diverse niet-financiële onderwerpen, om belanghebbenden een beter beeld te geven over het duurzaamheidsbeleid en de prestaties van het bedrijf. Wat zijn de onderwerpen waar de EU om vraagt? Het moet ten minste het beleid en de risicoanalyse bevatten, plus de resultaten en kengetallen over:

* milieuzaken;

* sociale en personeelsonderwerpen;

* respect voor mensenrechten;

* maatregelen tegen corruptie en omkoping;

* diversiteit in de raden van bestuur en commissarissen.

De richtlijn schrijft niet in detail voor hoe de verslaglegging eruit dient te zien. Als een bedrijf (nog) niet kan rapporteren over een onderwerp, mag het gewoon uitleggen waarom niet. En bedrijven zijn vrij om de informatie naar eigen inzicht te structeren en publiceren. Het kan als deel van het jaarverslag of in een apart document. In tegenstelling tot de financiële verslagen, hoeft deze data niet extern geverifieerd te worden. Wel moet de accountant checken of alle relevante informatie openbaar gemaakt is en of deze niet in strijd is met andere beschikbare bedrijfsinformatie.

Klagen over de rapportageverplichting

Naar verwachting is deze richtlijn van toepassing op 6000 Europese bedrijven. Dus je zou wat gezucht en geklaag van deze groep verwachten. Echter, de meeste van deze bedrijven rapporteren hun duurzaamheidsbeleid en -prestaties al jarenlang op hun website, in separate MVO-verslagen of geïntegreerd in hun financiële verslaglegging. Zal deze nieuwe richtlijn dan wel effect hebben? Gelukkig wel.  De bedrijven die duurzaamheid strategisch hebben opgenomen in hun verslaggevingscyclus hebben hier baat bij gehad. Maar er zijn ook bedrijven die dit meer als verplichting hebben opgevat, of die duurzaamheid (nog) niet hebben gekoppeld aan hun bedrijfsstrategie. Vaak rapporteren zij op onderwerpen waarvoor het relatief makkelijk is om de data te verzamelen, of op onderwerpen waardoor ze er goed vanaf lijken te komen. Voor deze bedrijven zal het een uitdaging zijn om te voldoen aan de eisen van de EU richtlijn. Omdat ze nog geen beleid, doelstellingen en resultaten hebben op de bovenstaande onderwerpen levert de nieuwe wetgeving voor hen zeker extra werk op.

De waarde van geïntegreerd denken verkennen

Veel van de bedrijven die onderweg zijn om transparanter te worden hebben kansen gezien om hun impact en hun bedrijf tegelijkertijd te verbeteren. De bedrijven die het meest profiteren van deze exercitie zijn degenen die echt verkennen wat hun materiële onderwerpen zijn. Dit zijn onderwerpen om verslag van te doen, maar veel belangrijker nog, de onderwerpen waarop de focus van de strategie moet liggen. In een materialiteitsanalyse verkent een bedrijf de impact - zowel positief als negatief - die het heeft op de maatschappij in brede zin. Vanuit hun eigen perspectief, en het perspectief van hun stakeholders of belanghebbenden.

Vanuit deze analyse krijgen ze een beeld hoe de relevante sociale, milieu en economische variabelen samenwerken, idealiter om tegelijkertijd waarde te creëren voor aandeelhouders, belanghebbenden en de maatschappij. Een diepgaande materialiteitsanalyse levert de basis voor een geïntegreerde strategie met duidelijke aandachtsgebieden, ieder met eigen doelen en actieplannen. Deze strategische integratieexercitie is van waarde voor alle bedrijven, niet alleen diegenen op wie de EU richtlijn van toepassing is.

Kleur bekennen middels focus, dilemma's en resultaten

Zodra je keuzes hebt gemaakt voor specifieke de aandachtsgebieden in de strategie en de verslaggeving, beken dan ook kleur met je keuzes en communiceer deze duidelijk. Wellicht moet je zelfs uitleggen waarom niet alle onderwerpen van de EU richtlijn van toepassing zijn. In de verslagleggingscyclus (en elders), deel niet alleen wat je hebt bereikt met je geïntegreerde strategie, maar ook de dilemma's die je bent tegengekomen en op welke onderwerpen je de doelen nog niet hebt bereikt. Een eerlijk, gebalanceerd verslag over je resultaten bouwt vertrouwen. Het is ook een goede manier om medewerkers te betrekken, om met hen successen te vieren en op zoek te gaan naar nieuwe oplossingen om nog niet behaalde doelstellingen te bereiken.

Heb je interesse in wat duurzaamheidsverslaggeving voor jouw bedrijf zou kunnen betekenen of wil je weten hoe hiermee te beginnen? Schrijf je dan in voor onze eerstvolgende reporting workshop op 22 juni 2017. Meer informatie daarover vindt je via deze link. Is de EU Richtlijn op jouw bedrijf van toepassing en heb je behoefte aan een quick-scan om te bepalen of je huidige verslaggeving wel voldoet? Neem dan contact op met Marjolein via marjolein@theterrace.nl.

Geschreven door Marjolein Baghuis (@mbaghuis) voor The Terrace en de Changeincontext.com blogs. Om up to date te blijven van The Terrace activiteiten, kunt u zich inschrijven onze nieuwsbrief.


Kan Nederland het voortouw nemen in hoe de wereld eiwit eet?

Nederlands eten roept waarschijnlijk geen beelden op van gezond eten. Veel kaas en andere zuivelproducten, stroopwafels, hagelslag, gefrituurde vleessnacks en frites gedrenkt in mayonaise. En toch is Nederland misschien wel het land dat de weg leidt naar een nieuw eetpatroon dat gezonder is voor zowel mensen als de planeet. In de afgelopen jaren zijn er tal van initiatieven geweest vanuit de publieke en private sector om mensen te stimuleren gezonder en met meer plantaardige eiwitten te eten. Maar gezien voedselpatronen vaak diepgeworteld zijn, is dit is geen sinecure

De ingewikkelde waarde(n) van de eiwit keten

Wist je dat 40% van de planten in de wereld worden gevoerd aan dieren? Het percentage van geteelde soja ligt nog hoger, op 85%. Het plaatje rechts laat zien hoe ingewikkeld de voedselketen voor eiwithoudende werkelijk is. Het komt uit de Protein Challenge 2040 door Forum for the Future. Simon Billing van Forum for the Future zei: "Het is niet te ontkennen dat eiwit een onmisbaar onderdeel van het menselijk dieet is, maar de manier waarop we produceren en consumeren presenteert vandaag vele uitdagingen - zowel in termen van wereldwijde consumptiepatronen alsook hun sociale, milieu- en economische gevolgen. "Het is duidelijk dat 'een beetje beter' op de productiviteit van levensmiddelen of afval niet genoeg zal zijn. We moeten echt de manier waarop we eten veranderen.

Leidt het agri-koninkrijk van Nederland de weg?

Eeuwenlang heeft Nederland het voortouw genomen op het gebied van de landbouw. Niet de Nederlandse keuken, maar onze koeien, aardappelen en kaas, en agrarische deskundigheid, zijn belangrijke exportproducten. Met veel interessante initiatieven is Nederland goed geplaatst om een katalysator voor positieve verandering in de transitie naar plantaardig eiwit te zijn. Ondersteund door de Nederlandse overheid en kennispartners, is een groep vooruitstrevende food bedrijven toegetreden tot de Green Protein Alliance. In februari 2017 lanceerden ze het Green Protein Growth Plan met als doel om het dierlijke eiwitten percentage te verlagen van 63% in 2015 tot 50% in 2025.

Verschillende sprekers op het evenement deelden hun visie over hoe we dit kunnen bereiken. Leontine Gast raadt aan heel concreet te maken wat een kleine verandering in de eiwittransitie de consument oplevert. “Zo bespaart een jaar lang één keer per week vegetarisch eten in plaats van vlees eten, het equivalent aan water van 200 douchebeurten per jaar. Plantaardig eten is niet moeilijk. Laat zien dat het vooral leuk en interessant is. Zo maak je het concreet en activeer je mensen.”

Op dezelfde dag lanceerde staatsecretaris van Landbouw Martijn van Dam de New Food Challenge. Het doel van deze uitdaging is om het aantal nieuwe gezonde producten bij food retailers te verhogen. Op basis van plantaardige eiwitten, die niet alleen beter zijn voor mensen, maar ook beter voor de planeet. The New Food Challenge investeert € 1.800.000 in product ideeën van nieuwe en bestaande bedrijven; ideeën die een verandering in het eetpatroon naar plantaardige eiwitten aantrekkelijk maken.

Ministers Ploumen en Van Dam committeren zich aan IMVO convenant

Bovendien heeft het ministerie van Buitenlandse Zaken een coalitie van Nederlandse bedrijven en NGO's bijeen gebracht om bij te dragen aan de wereldwijde overgang naar meer plantaardige eiwitten. Wat er zo interessant is aan dit specifieke MVO-convenant, dat wordt voorgezeten door The Terrace, is dat het uitgaat van first-time-right principe. Dat betekent dat de keten vanaf het begin rekening kan houden met de sociale en milieu aspecten van duurzaamheid. Het internationale MVO-convenant voor plantaardig eiwit wordt naar verwachting in maart 2017 ondertekend.

Het veranderen van de manier waarop we eten - voor onze gezondheid en onze planeet

Geweldig dat zoveel publieke en private partijen samenwerken, maar gaan we het ook echt eten? Last but not least op de lijst van interessante initiatieven is het Voedingscentrum, dat consumenten aanmoedigt tot gezondere en meer duurzame eetgewoonten en die de voedingsindustrie aanmoedigt om een duurzamer aanbod van voedsel te produceren. In 2015 is het voeding advies (de schijf van de vijf) vernieuwd om de inname van dierlijke producten te verminderen en te veranderen richting meer plantaardige eiwitten.

We weten allemaal dat mensen hun eetgewoonten niet zomaar veranderen, omdat een overheidsinstelling hen vertelt dat dit beter is. De echte uitdaging is voor het schap, in de supermarkt. Hoe ga je mensen stimuleren om nieuwe producten te proberen die beter zijn voor hen en de planeet? Plantaardige eiwitten klinken niet al te lekker, dus we moeten andere manieren vinden.

Het in Amsterdam gevestigde onderzoeksbureau Motivaction identificeert twee typen shoppers waar de interesse om plantaardige eiwitproducten te kopen groter is. De 'bewuste kwaliteit shoppers' zijn intrinsiek geïnteresseerd om vooruitgang te boeken naar een meer plantaardig dieet en zijn zeer deskundig. Om hen te verleiden moet je bouwen op hun bestaande kennis en hen inspireren met echte verhalen. De 'impulsive comfort shoppers' staan te popelen om aansprekende nieuwe producten te proberen. Zij worden aangesproken door plantaardig voedsel spannend, luxe en eenvoudig te maken. Fabrikanten van plantaardige eiwitproducten lijken dit al voor een deel goed te weten. In 2016 groeide de markt met dubbele cijfers en dit is nog maar het begin!

Top tips om bij te dragen aan het eiwittransitie

Uit deze initiatieven lijk het dat Nederland inderdaad een reden heeft om een leidende rol te nemen in de overgang naar een meer plantaardig dieet. Hier zijn onze tips waarmee je plantaardige eiwitten succesvol naar de markt kunt brengen:

• Leg uit hoe plantaardige eiwitten passen in ieders levensstijl. Voor de meeste mensen is dit waarschijnlijk door de woorden 'plantaardige eiwitten' te voorkomen. Richt je vooral op andere voordelen, zoals gezondheid, innovatie en voor sommigen groepen het milieu.

• Overtuig je doelgroep dat plantaardige eiwit een gezonde optie is voor iedereen, wie je ook bent en wat je ook doet

• Deel je kennis binnen de sector om echt vooruitgang te boeken op het Green Protein Plan

• Activeer samen, bundel je krachten met publieke en private partijen, binnen en buiten de sector - voor positieve verandering!

Geschreven door Marjolein Baghuis (@mbaghuis) en Leontine Gast (@theterraceNL) voor The Terrace en de Changeincontext.com blogs. Inhoud is geïnspireerd door het Green Protein Alliance evenement gehouden op 16 februari 2017. Om up to date te blijven van The Terrace activiteiten, kunt u zich inschrijven onze nieuwsbrief.


Duurzame Kleding en Textiel Convenant ondertekend

Zojuist hebben ongeveer zestig kleding -en textielbedrijven het convenant ondertekend waarin zij zich toeleggen op eerlijke productie. We zijn enorm trots op Pierre Hupperts, onze strategy director en voorzitter van het Convenant, die de totstandkoming van het Convenant faciliteerde.

Een korte reactie van Pierre:

"We zijn heel blij met dit mooie resultaat. Ook vraagt het nu om bescheidenheid: de klus van uitvoering moet nog beginnen. Er was duidelijk commitment bij de partijen om de sector te verduurzamen. En compromis bereidheid. Hierbij besteedde ik als voorzitter de meeste tijd aan informele contacten en overleggen om steeds teksten en compromissen te zoeken die ambitieus en realistisch waren. Door het grote draagvlak onder bedrijven en andere partijen verwacht ik dat er echt verbeteringen gaan plaatsvinden." 

Artikel Volkskrant over het Convenant


Zonder samenwerking bestaat er geen duurzame toekomst - Weg met de patenten!

Toyota’s eerste waterstofauto, de Mirai (Japans voor toekomst), rolde in december 2014 van de band. Het resultaat van twintig jaar en miljarden dollars aan innovatie. Een maand later kondigde het bedrijf aan alle 8.340 patenten op het gebied van waterstoftechnologie vrij te geven. Slacht Toyota zo niet de kip met de gouden eieren?

Toyota wil met het vrijgeven van de patenten de ontwikkeling van de waterstofauto een impuls geven. Een aantal technologische hindernissen stond de opmars hiervan in de weg. Nu Toyota hier grotendeels een oplossing voor heeft gevonden, moedigt het andere fabrikanten aan de technologie te omarmen en zo de ontwikkeling van het rijden op waterstof stimuleren.

Rood lampje? Even omrijden.

Dat is nodig, want Nederland heeft bijvoorbeeld nog maar één particulier tankstation voor waterstof, in Rotterdam. Niet handig als onderweg van Leeuwarden naar Groningen het rode lampje begint te branden.

 Terwijl de waterstofauto toch een aantal grote voordelen kent boven het elektrisch rijden. Waar de gemiddelde elektrische auto niet verder komt dan 200 km, doet de Mirai met een actieradius van 650 km niet onder voor een diesel of benzine auto. Ook gaat het tanken (als je eenmaal een station hebt gevonden) veel sneller dan bij de elektrische wagen: 4 minuten versus uren duimdraaien bij de laadpaal.

 Groot gelijk dus dat Toyota hoopt dat andere automerken haast maken met het ontwikkelen van een vergelijkbaar product. Alleen gaan ze de strijd met de andere auto van de toekomst – de elektrische auto met stekker – niet winnen. Deze is in korte tijd een zichtbaar onderdeel geworden van ons straatbeeld. Laadpalen schieten als paddenstoelen uit de grond, en Tesla CEO Elon Musk ging Toyota al voor in het vrijgeven van patenten in de hoop deze ontwikkeling te versnellen.

 Voor Toyota moet de vaart er dus in, voordat de elektrische auto het volledig overneemt en de waterstofauto een goed bedoeld experiment blijft. Bedankt voor de moeite, maar wij laden lekker met een stekker. Wèg investering.

Dat ziet er patent-uit

Interessant bij de strijd om het duurzame rijden is de rol van patenten. Ooit begonnen als een manier om innovaties te stimuleren, ontwikkelden patenten zich in the 20ste en 21ste eeuw steeds meer als een juridisch wapen voor multinationals om concurrenten dwars te zitten. Met als resultaat dat waardevolle innovaties juist op de plank blijven liggen in plaats van technologische vooruitgang aan te moedigen.

Tesla en Toyata laten nu zien dat – in hun sector – het patent haar functie aan het verliezen is. Het levensvatbaar maken van nieuwe technologieën is niet langer afhankelijk van exclusiviteit en concurrentie, maar gedijt juist bij openheid en co-creatie.

Juist duurzame innovaties vragen om nieuwe business modellen die gebaseerd zijn op (andere) samenwerking met andere partijen – ook met concurrenten. Want om oude systemen te doorbreken en te vervangen voor een duurzaam alternatief is een beweging nodig die breder is dan een individueel bedrijf. Samenwerking wordt een voorwaarde voor winst – zowel voor het bedrijf, als voor de samenleving.